Zelfkennis

Kundalini en Hara

De rug (vanaf stuitje) zit iets lager dan de navel (buik).
De kundalini gaat omhoog naar het hoofd en bewustzijn incarneert tot nabij de navelstreek.
Een opgaande stroom en een neergaande beweging.
De kundalini vanuit de ruggengraat omhoog kan je hoofd doen tollen van de energie.
Het begrip ‘de Avatar’ betreft God, de Heer, die afdaalt in de mens.
Maar kan de Heer afdalen in de mens, als zijn ruggengraat (kundalini) niet stroomt?
Zoals er enkel wolken worden gevormd, die tot regen kunnen leiden, wanneer het water op aarde omhoog gaat, de hemel bereikt. Met andere woorden: er bestaat een opstijgende stroom en een neergaande beweging.
De kundalini kan stijgen wanneer we ontspannen en spontaan zijn.
En de Heer kan neerdalen, wanneer we onszelf ook kunnen overstijgen. Onszelf kunnen vergeten.
Aan de ene kant vraagt verlichting, spontaniteit als van een kind. En aan de andere kant: ‘Niet mijn wil maar uw wil geschiede.’ Zogezegd!…
De kundalini zoekt de hemel…. Wil stijgen.
En de hara ontvangt bewustzijn, door hier en nu te zijn.
Binnen de Indiaase filosofie speelt de kundalini een belangrijke rol.
Binnen de zen (meditatie) filosofie de hara! ‘Hara’ betekent buik in het Japans!
De buik en de onderkant van de rug vallen min of meer samen (onderlichaam, zogezegd). Met ander woorden: bewustzijn zetelt daar en niet in werkelijkheid in ons hoofd.
In ons hoofd zitten leidt dan ook niet tot verlichting.
Aan de ene kant ben je heel lichamelijk (natuurlijk), wanneer je de energie ervaart vanaf beneden naar boven.
En heel bewust wanneer je in je buik zit.
Over de eenheid van de kundalini en de hara wordt niet gesproken maar zou eigenlijk wel zo behoren te zijn: vandaar!


(Foto: Pixabay.com)